Arabica koffie

De officiële volledige naam van deze koffieplant is Coffea Arabica Linnaeus, vernoemd naar de botanicus die ze in 1753 voor het eerst wetenschappelijk classificeerde. Omdat hij dacht dat de plant in Arabië groeide, gaf hij deze de naam Arabica. Oorspronkelijk komt de plant echter uit het Ethiopisch Massief en tegenwoordig vinden we haar terug in het Caraïbisch gebied, Centraal-Amerika en Zuid-Amerika. De belangrijkste producenten van Arabica koffie zijn Brazilië en Colombia, gevolgd door Mexico, El Salvador, Guatemala en Costa Rica.

Arabica is de oudste soort koffieboon die gekend is. De plant groeit op een hoogte van 1000 tot 2000 meter, bijvoorbeeld op bergplateaus en vulkaanhellingen, waar de gemiddelde jaarlijkse neerslag 150 tot 200 centimeter bedraagt. De dagen moeten mild zijn, de nachten koel en de gemiddelde jaartemperatuur 15 tot 24 graden Celsius. Arabicabomen bloeien na het regenseizoen en na zo’n negen maanden zijn de vruchten rijp.

In een jaar produceert een normale arabicaboom soms nog niet eens 5 kg fruit, wat uiteindelijk resulteert in ongeveer 1 kg echte koffiebonen. De hoogste kwaliteit wordt verkregen als uitsluitend de rijpe vruchten geplukt worden. Dit is dan ook grotendeels afhankelijk van de manier waarop men ze plukt: met de hand of mechanisch. Ook achteraf wordt er meestal nog eens een extra selectie gedaan. Veel van de arabica oogst wordt ‘gewassen’ ofwel nat verwerkt. Ongebrande arabica bonen hebben een ronde vorm en lopen vaak spits toe. Ze hebben een geelachtige tot groen- / blauwgrijze kleur. Ze zijn meestal groter, langer en platter dan robusta bonen, bevatten ook minder cafeïne en hebben een mildere smaak en een meer verfijnd, zuurrijker aroma. 

70% van de koffie op de wereld wordt gemaakt van arabica bonen. Spijtig genoeg is deze moeilijker te verbouwen dan zijn robusta tegenhanger omdat de arabica koffieplant gevoeliger is voor ziekten, plagen en vorst. Bijgevolg is de productie van Arabica koffie ook duurder. Van de vele ondersoorten van de arabica zijn de typica en de bourbon het bijzonderst en het bekendst. Hieruit zijn andere rassen voortgekomen, zoals tico, kent, mokka, blue mountain, de Braziliaanse kruising mondo nuevo, garnica en nibriza.