Cordyceps

Cordyceps sinensisCordyceps behoort tot de klasse schimmels van de ascomyceten en bevat ongeveer 400 soorten. Het zijn voornamelijk endoparasieten die vooral op insecten en andere geleedpotigen parasiteren. De bekendste soort is zonder twijfel Cordyceps sinensis. Cordyceps soorten zijn bijzonder talrijk en divers in vochtige gematigde en tropische bossen.

De generieke naam Cordyceps is afgeleid van de Latijnse woorden cord, wat "draad" betekent, en ceps, wat "hoofd" betekent. Verschillende soorten Cordyceps worden beschouwd als medicinale paddenstoelen in de klassieke Aziatische geneeskunde, waartoe de traditionele Chinese en de Tibetaanse geneeskunde behoren.

Wanneer een Cordyceps schimmel een gastheer aanvalt, dan dringt het mycelium de weefsels binnen en vervangt deze uiteindelijk, terwijl het langwerpige vruchtlichaam (ascocarp) cilindrisch, vertakt, of complex van vorm kan zijn. De ascocarp draagt vele kleine, flesvormige perithecia die asci bevatten. Deze op hun beurt bevatten draadvormige ascosporen, die meestal uiteenvallen in fragmenten en vermoedelijk besmettelijk zijn.

Cordyceps heeft een lange geschiedenis in de traditionele geneeskunde. Zo werd het in de 15e eeuw reeds beschreven als versterkend middel en in het bijzonder als afrodisiacum. Het zou reeds duizenden jaren ervoor reeds gekend geweest zijn, maar daar zijn tot nu toe geen geschreven bronnen voor teruggevonden.

Cordyceps wordt vaak als een adaptogeen en superfood beschouwd waarbij het zorgt voor verhoogde energie, beter uithoudingsvermogen, minder vermoeidheid en een actiever immuunsysteem. Tot dusver worden sommige van deze bevindingen enkel ondersteund door in vitro testen. De collega paddenstoel Reishi is naar wetenschappelijk onderzoek toe al heel wat meer onderzocht en de aanwijzingen voor zijn adaptogene werking zijn dan ook talrijker.